Column Pianowereld 6-2011

Het Liszt virus en de ode aan de pianomuziek

Sommige mensen krijgen in het najaar hamsterneigingen en staan in de supermarkt voor je met twee karren vol blikvoer, sneeuwschuivers en flesjes water. Andere mensen liggen al twee weken snotterend op bed omdat het weer omslaat. Ik krijg rond deze tijd altijd “last” van nostalgische pianokriebels. Misschien moet ik dat even toelichten.

Nostalgische pianokriebels betekent voor mij de drang om alleen maar de mooiste melodieën te willen spelen. Lieder ohne Worte van Felix Mendelssohn, Preludes van Sergeij Rachmaninov, u kent het wel. Daar is sinds kort nog een drang bij gekomen: ik voel de onmiddellijke behoefte om alle liedtranscripties van Franz Liszt te gaan instuderen. Waarom? Omdat ik de laatste weken bijzonder veel werken van Liszt heb geluisterd. Ik wist dat hij veel gecomponeerd heeft, maar toch was ik verbaasd toen ik de Wikipedia pagina over de componist erbij haalde. Wat een waslijst! Lang leve YouTube en de online database van Naxos. Ik vrees dat dit studie ontwijkend gedrag in het kwadraat is.

Ik ben er inmiddels wel achter wat één van mijn valkuilen is: me verdiepen in één componist, nieuwe stukken leren kennen en vervolgens alle boeken uit de kast trekken om avonden achtereen nieuwe composities door te spelen. Daar is toch niks mis mee, denkt u vast? Wel als je eigenlijk heel veel andere werken moet doen voor de concerten die op stapel staan. Er zitten nou eenmaal te weinig uren in een dag om al dat moois te leren kennen. Toch is het werk van Franz Liszt extra bijzonder. Er zijn maar weinig componisten die zo goed voor het instrument hebben geschreven: Beethoven, Chopin, Rachmaninov, Liszt. Het lijstje is vast nog niet compleet, maar niet heel veel langer.
En alweer glijden mijn gedachten af naar die liedbewerkingen van de Liszt. Ik denk dat er geen groter eerbetoon aan Franz Schubert en Robert Schumann bestaat dan de manier waarop Liszt de zeggingskracht van die liederen heeft weten te behouden, en tegelijkertijd de mogelijkheden van de piano perfect heeft benut. Luister bijvoorbeeld maar eens naar Widmung (S.566) of Ständchen (S.560/7).

Is Franz Liszt dan mijn lievelingscomponist? Nee, ik geloof niet dat ik er echt één heb. Iedere keer dat ik een aantal stukken van een zelfde componist instudeer, verlies ik mezelf in de taal die ik (opnieuw) ontdek en leer. Door veel Beethoven en Liszt te spelen, begin ik te snappen hoe de laatste door de eerste werd beïnvloed. Door Schumann en Mendelssohn te spelen, begrijp ik hun verschillen maar ook de parallellen in hun levens. Als ik Bach studeer zie ik hoe Schönberg en Stravinsky hun composities hebben opgebouwd. Kortom, die hele lange lijst van componisten die voor de piano hebben geschreven zijn op de één of andere manier met elkaar verbonden.  (we zijn als pianoliefhebbers wel enorm verwend met zoveel muziek…) Allemaal op een eigen manier bijzonder, en allemaal de tijdgeest overleefd. En nu ik weer met een ver(heel)langlijstje in mijn hoofd zit realiseer ik me dat ik maar gauw deze zin moet afmaken, dan kan ik weer terug naar de studeerkamer. Wat een instrument!

Alexander Buskermolen


Alexander Buskermolen :: Telefoonnummer: +31(0)182-602795 :: Mobiele telefoon: +31(0)6-28415721